-
Regelmatig een bewerking van Jesaja, vrij vertaald uit de Hebreeuwse grondtekst.
Zo zegt de Eeuwige tot zijn Messias,
tot Kores, zijn gezalfde:
Ik heb hem in dienst genomen
om volken te onderwerpen;
alle deuren gaan voor hem open,
geen poort blijft gesloten,
want ikzelf ga voor jou uit;
hindernissen breek Ik weg,
koperen deuren breek Ik open,
grendels van ijzer verbreek Ik;
alles wat in de kluizen ligt opgeslagen,
schatten in het donker,
Ik geef dit alles aan jou
opdat je weet dat Ik het ben,
de God van Israël,
die jou bij je naam heb geroepen.
Ik gaf je een opdracht, een roeping
omwille van Israël, mijn knecht;
Ik gaf je een erenaam,
hoewel jij mij niet kende;
Ik nam je in dienst,
maar je kende mij niet
opdat Oost en West het moge weten:
Ik ben de enige God en de Eeuwige;
buiten Mij is er geen
die licht schept en duister,
vrede en ook het boze
Ik doe dit alles.
Gij hemelen, geeft uw dauw op aarde
en uit de wolken de rechtvaardige:
de aarde gaat open,
het heil draagt vrucht;
gerechtigheid bloeit op
Ik heb het geschapen!
Wee degene die strijdt met z'n boetseerder
als scherf tussen de scherven:
roept soms de klei
de pottenbakker ter verantwoording,
of wat je gemaakt hebt, zegt dat:
hij heeft twee linkerhanden?
Je zegt toch niet tot je vader:
wat heb je verwekt,
of tot een vrouw:
waarom heb je weeën?
Zo zegt de God van Israël:
vraag maar aan mij
wat de toekomst is van mijn zonen,
van het werk van mijn handen;
toe maar, doe het maar!
Ik immers heb de aarde gemaakt,
de mensen daarop geschapen,
eigenhandig de hemelen uitgebogen,
al wat leeft in het aanzijn geroepen.
Nu heb Ik hem doen opstaan
om gerechtigheid te stichten;
Ik zal zijn paden effenen;
hij zal mijn stad herbouwen,
de ballingen terugkeren laten
zonder dat hij er iets voor ontvangt,
zonder dat hij er iets voor vraagt.
De schatten van Egypte,
de handel van Ethiopië en Saba
het zal voor jullie zijn;
hun aanzienlijken zullen tot je komen
en achter je aangaan,
geboeid en geketend;
ze buigen voor je en zeggen:
waarlijk, bij jullie vind je de enige God,
er is geen ander,
hoe verborgen hij ook mag zijn,
de bevrijder van Israël.
De makers van godenbeelden
zullen beschaamd staan,
want Israël wordt bevrijd door Hem,
met een bevrijding voorgoed:
jullie staan zeker niét beschaamd!
Want zó zegt de Eeuwige,
die de hemelen schiep en de aarde gemaakt heeft:
niet tot een chaos heb Ik haar geschapen,
maar om er te wonen
zó is er geen ander!
Ook heb ik niet in geheimtaal gesproken,
in het geheim, in het donker;
Ik heb niet tot Jakob gezegd:
als jullie me zoeken, bekijk het maar
nee, Ik ben het
die vertel wat rechtvaardig is
en die meld wat rechtmatig is.
Kom maar hier, kom maar kijken,
jullie die zijn ontkomen:
wie op beelden vertrouwen,
die bidden tot een God die niet redt.
Heb Ik het al niet altijd gezegd?
Denk maar na, ga maar na,
kom maar met argumenten,
zeg maar op: ben Ik het niet,
de Eeuwige en de Enige,
die rechtvaardig is en die uitredt?!
Komt allen tot Mij,
en Ik red je uit,
gij einden der aarde,
want Ik, Ik ben het,
er is geen ander.
Ik heb gezworen
en daar blijf Ik bij
dat alle knie zich zal buigen
en elke tong zal belijden:
de Heer, onze God, de Heer is één,
bij Hem is recht en macht;
Hij is de koning der wereld.
Allen zullen tot Hem komen
en wie tegen Hem opstonden,
staan nu beschaamd.
In Hem zal heel Israël
eindelijk tot z'n recht komen
en zich gelukkig prijzen.
-
21 mei 2010
Abonneren op:
Reacties posten (Atom)


Geen opmerkingen:
Een reactie posten