-
Werkvertaling, uit het Hebreeuws
Jesaja 2
1 Het woord dat Jesaja, zoon van Amos,
schouwde over Juda en Jeruzalem.
2 Het zal zijn aan het einde der dagen:
vaststaan zal de berg van het huis van de Heer
op het hoofd van de bergen
en boven de heuvels verheven
en daarheen zullen stromen
alle de volken,
3 en gaan zullen de natiën, talrijk,
en zij zullen zeggen:
gaat, en: laten we opgaan
tot de berg van de Heer,
tot het huis van Jakobs God:
dat Hij ons onderrichten zal
aangaande zijn wegen,
en dat wij gaan op zijn paden
want uit Sion zal de Torah uitgaan
en het woord van de Heer uit Jeruzalem,
4 en hij richt tussen de volken
en doet recht aan de natiën, talrijk
dan slaan zij hun zwaarden stuk tot ploegen
en hun speren tot snoeimessen;
niet neemt een volk het zwaard meer op
tegen een volk,
de oorlog zullen zij niét meer leren.
5 Huis van Jakob
laten we gaan, ja gaan
in het licht van de Heer!
-
22 november 2010
Jesaja 2,1-5 Zwaarden tot ploegscharen
Abonneren op:
Reacties posten (Atom)


Geen opmerkingen:
Een reactie posten